Wandelen in Portugal

 
 

Home
Regio's
Wandelgidsen
Natuurparken
Steden
Wandelroutes
Foto's
Kaarten
Over deze site
Disclaimer
Links
Sitemap
Zoeken
Contact



 

 



Reserva Natural das Lagoas de S. André e da Sancha




De kuststrook tussen de monding van de Sado bij Setúbal en Sines bestaat uit brede stranden en duinen. Verscholen tussen de zandheuvels liggen hier en daar strandmeertjes. De grootste is de lagune van Santo André. Samen met een aantal kleinere meertjes vormt dit sinds 2000 een natuurreservaat. Het is vooral van belang als broed- en overwinterplaats van vele vogelsoorten. Het reservaat beslaat een oppervlak van ruim 3000 ha land en ruim 2000 ha zee. Het is een internationaal erkend wetland.

Op deze pagina vindt u beknopte informatie over:

Landschap
Klimaat
Vegetatie
Fauna

Economie
Praktische informatie

Wandelen in het natuurreservaat

 

 

Landschap

Verlaten boerderij aan de rand van de lagune


Van de oceaan gescheiden door een strandwal ligt tussen de duinen de lagune van Santo André. Het is het grootste strandmeer van het reservaat. Verscholen tussen de zandheuvels liggen nog een aantal kleinere meertjes (poços).

Strandwal tussen de oceaan en de lagune


In de verte ligt de Serra de Grândola, één grote kurkeikplantage. Hier ontspringen de beekjes die via lange smalle dalen tussen de met dennen begroeide duinen naar de lagune lopen. Vroeger werd hier rijst verbouwd, nu graast er vee. Hier en daar staan boerderijen (montes). Ze zijn echter lang niet allemaal meer in bedrijf.

Elk jaar wordt het water in de lagune geheel ververst. Hiertoe moet de strandwal worden geopend. Soms slaat een storm hier een gat in, maar meestal moeten bulldozers aan het werk. In het voorjaar wordt het gat weer gedicht.  Top


Klimaat Het gebied heeft een mediterraan klimaat met duidelijk Atlantische invloeden. De winters zijn dus nat en zacht, maar 's zomers is er zelden sprake van extreme hitte.   Top

Vegetatie Het grootste deel van het reservaat bestaat uit duinen. Hier domineren dennen (parasol- en zeeden). Dicht bij zee overheerst Carpobrotus, een soort vetplant.

Carpobrotus edulis


In de duinen dicht bij de kust zien we Juniperus phoenicia subsp. turbinata en Corema album.

Corema album


Langs de oevers van de strandmeertjes groeit riet, mattenbies, heen, zeerus, oeverzegge en typisch voor brak water, galigaan. We zien hier ook ook pitrus, baardgras, gele lis en de tamarisk. Verder groeien er naaldgras, grote egelskop, perzische klaver en adelaarsvaren. In het water groeit schedefontijnkruid. We zien hier ook het schijnviooltje (Ionopsidium acaule) en kamfertijm (Thymus camphoratus), beide zeer zeldzaam.

Een klein gedeelte van het reservaat bestaat uit cultuurland  Top


Fauna

Het reservaat is niet rijk aan in het wild levende zoogdieren. Het vermelden waard zijn de otter en de Microtus cabrerae, een soort veldmuisje dat alleen op het Iberisch schiereiland voorkomt. Langs de kust zwemmen dolfijnen.

Wat betreft reptielen en amfibieën is de fauna rijker. We vinden hier Iberische schijftongkikkers (Discoglossus galganoi), rugstreeppadden (Bufo calamita, boomkikkers (Hyla arborea), mediterrane boomkikkers (Hyla meridionalis), parelhagedissen (Lacerta lepida), Moorse beekschildpadden (Mauremys leprosa), Spaanse knoflookpadden (Pelobates cultripes) en marmersalamanders (Triturus marmoratus).

Het reservaat is vooral van groot belang als broed-, doortrek- of overwinterplaats voor vele vogelsoorten. In de rietmoerassen en rietkragen vinden we broedvogels als de dodaars, de woudaap, de purperreiger, de krooneend, de bruine kiekendief, de waterral, de kleine karekiet, de grote karekiet en de snor.

Paartje krooneenden                                                                         (foto Jan Stok)


Aan de oevers van de lagune en op de strandwal zien we strandplevieren, steltkluten en dwergsterns.

Steltkluut                                                                                        (foto Jan Stok)


Aan de oostkant van de lagune beginnen de bossen. Hier zit de moorse nachtzwaluw en de roodkopklauwier. Op de hellingen van de beekdalen tussen de duinen vinden we bijeneters. Met een beetje geluk ziet u ook een grijze wouw.

Door de ligging aan de kust en het speciale karakter van het reservaat passeren hier in het voorjaar en de herfst vele trekvogels. Het gebied dient dan als tussenstop om te eten en te rusten. Maar ook als overwinterplaats is het gebied in trek. We zien dan vele soorten waadvogels zoals lepelaars, kleine zilverreigers en zelfs flamingo's. Ook zijn er vele steltlopers (drieteenstrandlopers, bonte strandlopers, kleine plevieren, oeverlopers, watersnippen) en watervogels (slobeenden, wintertalingen, pijlstaarten, krakeenden en wilde eenden). Sterns passeren hier ook, De dwergstern broedt hier, maar de grote stern, de lachstern, de visdief, de zwarte stern en de witwangstern zijn slechts passanten die soms enige tijd in het gebied verblijven.    Top


Witwangstern                                                                                   (foto Jan Stok)


Economie De status van natuurreservaat betekent in Portugal niet dat er geen economische activiteiten plaatsvinden. In het reservaat zelf wonen maar weinig mensen, maar even daarbuiten ligt een aantal dorpen. Van enig economisch belang is het (strand)toerisme. In de lagune van Santo André wordt intensief gevist naar paling en dunlipharder.

Vissersbootjes in de lagune


Ook is er wat landbouw. Vroeger werd er in de beekdalen rijst verbouwd, nu graast hier vee. Op de iets hoger gelegen gebieden worden met behulp van irrigatie tuinbouw-gewassen geteeld. In de dennenbossen wordt hars gewonnen, die wordt gebruikt voor de productie van terpentijn. Top

 

 

 

 

 

 


Harswinning




 


Wandelen

Zie hiervoor de wandelgids:

Zuid-Portugal, 23 wandelingen door de Alentejo en Costa de Lisboa

 

 

Hierin staat een wandeling in het natuurreservaat beschreven.

 


Meer informatie over de wandelroute is te vinden op het kaartje hieronder:

 

Klik op het kaartje voor vergroting                                           

 

 



 

Openbaar vervoer                                                                                  Top

In het natuurreservaat zelf liggen geen plaatsen. De drie grootste plaatsen in de buurt zijn Sines, Santiago de Cacém en Grândola. De laatstgenoemde is niet alleen per bus, maar ook per trein bereikbaar. De dorpen vlakbij het reservaat zijn per bus bereikbaar vanuit Sines, Setúbal (Tróia) en Santiago de Cacém. Voor dienstregeling (horários) spoorwegen en bussen klik hier

Overnachten

Campings:  Aan de rand van het reservaat ligt een camping. Voor meer informatie over campings klik hier

Hotels en pensions:  Voor meer informatie over hotels/pensions klik hier

Kaarten Carta Militar de Portugal: serie M 888; 1:25.000. Voor meer informatie klik hier

Bezoekerscentrum natuurreservaat

Pavilhão A - Galiza
7500-022 Vila Nova de Santo André
Tel. 269 708 063
Fax. 269 708 065
e-mail: rnlsas.vidala@icn.pt

Postadres:
Apartado 98
7500 -999 Vila Nova de Santo André

en

Centro de Interpretação do Monte do Paio
Monte do Paio –  Brescos
7500 – 014 Santo André
Telef: 269 749 001
 

Toeristische informatie: www.visitportugal.com                                       Top


Wandelen in Portugal © 1996-2011, Roel Klein & Bert Stok tenzij anders vermeld