Home
Regio's
Wandelgidsen
Natuurparken
Steden
Wandelroutes
Foto's
Kaarten
Over deze site
Sitemap
Links
Disclaimer
Contact



Zuid-Portugal

23 wandelingen door de Alentejo en Costa de Lisboa

 

ISBN: 9789074980159  
Prijs: € 14,95

 

 

  




Wat vindt u in deze gids?        |       Routes      |      Colofon      |      Recensies

►► Ik wil deze gids bestellen 


                          




De wandelgebieden

De Alentejo, het zuiden van Portugal tussen de Taag en de Algarve,  is een bijna onontdekt gebied. Voorjaar en herfst zijn de beste reisseizoenen. Maar ook hartje zomer is het in de kustregio prima wandelen. Vrijwel altijd waait daar een heerlijk koel zeewindje. De Alentejo is in deze gids in drie gebieden verdeeld: de kust, het noorden en het zuiden. Op het kaartje hiernaast staan de verschillende wandelgebieden.









 
De kust: Costa Alentejana en Costa de Lisboa
De kust heeft vele gezichten. In het zuiden grillige, steile kliffen met intieme stranden en vissershaventjes. Verder naar het noorden worden witte duinen afgewisseld met het blauw van lagunes en het groen van rijstvelden. Bij Setúbal rijst een klein gebergte steil op uit de oceaan: de Serra da Arrábida. Op een van zijn hellingen ligt een witgekalkt klooster. In het uiterste westen, bij Cabo Espichel, staat op de rand van een klif het pelgrimsoord van Onze Lieve Vrouwe van de Kaap.


Het noorden

In het noordoosten van de Alentejo verheffen zich boven kurkeiken de bergen van de Serra de São Mamede. Ooit was dit een land van smokkelaars en geneeskrachtige bronnen. Uit de fraaie stadjes aan de Spaanse grens kronkelt altijd wel een weggetje omhoog naar een kasteel. Temidden van uitgestrekte olijfgaarden ligt de indrukwekkende vesting Elvas, ooit gebouwd door pater Joannes uit 's Hertogenbosch. Nog zo'n belangrijke historische stad is Évora, uitgeroepen tot werelderfgoed. Haar Romeinse tempel werd deels uit marmer opgetrokken, gedolven in de marmergroeven tussen Estremoz en Vila Viçosa. Wijn kun je ook proeven in de Alentejo, bijvoorbeeld in Redondo en Borba, maar ook in de buurt van Monsaraz, waar je vanaf de kasteelmuur zicht hebt op het grootste stuwmeer van Europa.





Het zuiden

Het landschap rond Beja is open en weids. Hier domineren de ‘herdades’, de uitgestrekte landgoederen met hun monumentale boerderijen. Na de graanoogst trekken grote kuddes schapen over de stoppelvelden. Schaduw vinden ze onder de steeneiken, die verspreid in het zacht golvende land staan. Meer naar het westen beginnen de kurkeikbossen. ’s Zomers zien we hier kurkschillers aan het werk. In het oosten wordt de vlakte doorsneden door de Guadiana. Langs deze rivier met zijn robuuste watermolens ligt het natuurpark ‘Vale do Guadiana’. Aan de rand van dit park staat de pyrietmijn van São Domingos romantisch te verkommeren. Vroeger was de Alentejo een graanschuur van de Romeinen. Van hun ‘villae’ resten nu de ruïnes, zoals São Cucufate bij Vidigueira. Ook de Moren zaten hier. In Mértola bouwden ze een moskee.





Colofon

Tekst & foto's:
Roel Klein & Bert Stok

Kaartjes:
Jan Stok

Uitgeverij Op Lemen Voeten, 2004


Recensies

Uit: Op Pad (2004)

De onbekende Alentejo.
Bij Zuid-Portugal denk je al snel aan de betonnen hotelkolossen van de Algarve. Wie Zuid-Portugal - 23 wandelingen door de Alentejo en Costa de Lisboa volgt, moet die mening al snel bijstellen. De gids is de vierde 'Voetwijzer' over Portugal. Vooral de Alentejo, het gebied tussen de Taag en de Algarve, is bijzonder. Het is vrijwel onontdekt, maar biedt tegelijkertijd erg veel op zowel landschappelijk als cultureel niveau. De duinen van Sines, de hooggelegen vestingstad Marvão en de werelderfgoedstad Évora maakten op ons veel indruk. Het gidsje geeft persoonlijk geschreven achtergrondinformatie en duidelijke routebeschrijvingen. Over de praktische informatie waren we minder te spreken: zo had de accommodatie uitgebreider gemogen. Ook kochten we een extra wandelkaart, omdat we de kaartjes in de gids niet gedetailleerd genoeg vonden.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Uit: 'te voet’, de wandelkrant van Nederland (oktober 2004)

Kwalitatieve Portugal-gids. De vierde Portugal-gids alweer in de serie voetwijzers van het Amsterdamse uitgeverijtje Op Lemen Voeten. Hulde! Want de kwaliteit van deze serie is groot, evenals de moed om wandelgebieden in zo’n uithoek van Europa in kaart te brengen. Anders dan de titel doet vermoeden, gaat het niet om de Algarve en zijn directe achterland, maar om het midden van Portugal – aan de andere kant van de Taag of Tejo: de Alentejo zoals die vrij onbekende streek in Portugal heet. Aan de kust onder Lissabon, zo tussen Setubal en Odeceixe liggen afwisselend steile kliffen, grillige baaien, pittoreske vissershaventjes en brede stranden, lage duinen, lagunes, rivierdelta’s en rijstvelden. In het noorden van de Alentejo een middengebergte met veel kastelen en strategisch gelegen stadjes tegen de grens met erfvijand Spanje. Land van kastanjebomen, steeneiken, dolmens en marmergroeven. Met het vestingstadje Evora als erfstuk uit Portugal’s gouden eeuw van ontdekkingsreizen en winstgevende specerijenhandel in de oost. In het zuiden wordt het land heuvelachtiger, opener en weidser: graanvelden, olijfbomen, kurkeiken, stuwmeren. De beschreven dagwandelingen zijn aan de korte kant. Zo tussen de 10 en 15 kilometer, met uitschieters naar beneden: 5,7 en 8 kilometer. Sommige zijn niet per trein en bus te bereiken: de gids richt zich nadrukkelijk ook op de ‘fly-drive’ reiziger met een huurauto. Routeschetsen zijn ter oriëntatie bijgevoegd. In het veld heeft men topografische kaarten nodig, hoe verouderd soms ook. Moeilijk ter plekke verkrijgbaar: vooraf bestellen bij de reisboekhandel in eigen land is het advies.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Uit: Trouw (12 juni 2004)

Wandelen rond Oranje
Het gebied waar de sterren van Oranje zich voorbereiden op het EK is een uitgelezen wandelgebied. Niet alleen in het voor- en najaar maar ook onder de zomerzon kan er in Zuid-Portugal prima gelopen worden in het spoor van pelgrims, monniken en molenaars. Langs de kust waait het altijd, witte stranden om onder de wandeling even een koele duik te nemen zijn er legio en voor vogelliefhebbers is het gebied boven Sines zeer aantrekkelijk. En ’s avonds zijn er vele pleintjes zonder Barend & Van Dorp of Jack van Gelder om de benen te strekken. Op Lemen Voeten, uitgever van het gelijknamige wandeltijdschrift, brengt de gids Zuid-Portugal uit met 23 aantrekkelijke wandelingen door de Alentejo en Costa de Lisboa. De lengte van de tochten varieert van 7 tot 17 kilometer. De routegids vermeldt naast de afstand en de historische informatie over het gebied, de hoogteverschillen, de aanwezigheid van cafés en de benodigde wandelkaarten. Ook leuk voor supporters met rusteloze benen

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Uit: Parool (28 augustus 2004)

Weten we na het Europees kampioenschap voetbal alles van Portugal? Welnee. En zeker niet van de Alentejo, het gebied in het zuiden van het land, tussen de Taag en de Algarve. Roel Klein en Bert Stok beschrijven in Zuid-Portugal 23 wandelingen in dit betrekkelijk onontdekte gebied en in de Costa de Lisboa, de kust bezuiden de hoofdstad Lissabon. Zowel het noorden (Alto) als het zuiden (Baixo) van de Alentejo is bedeeld met acht wandelingen, de kust met zeven. Ze varieren in lengte tussen zeven en zeventien kilometer, maar de meeste zijn rond elf, twaalf kilometer. De kortste, vijf kilometer, is de stadswandeling in Evora, maar het zou niet verstandig zijn die over te slaan. De stad is een juweel, misschien wel de gaafste herinnering aan Portugal’s Gouden Eeuw en behoort zeer terecht tot het werelderfgoed van de Unesco. Aardig in het handzame en goed verzorgde boekje is het stukje over pater-jezuiet Joannes Cieremans uit Den Bosch, die zich in de zeventiende eeuw in dienst van het Portugese hof in een totaal andere hoedanigheid onderscheidde. Hij liet onder meer – hij heette inmiddels Joao Pascasio Cosmander – de schier onneembare vestingwallen rond de stad Elvas in het noorden van de Alentejo bouwen.

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Uit: Dagblad van het Noorden (3 juli 2004)

Hoewel je er ook hartje zomer kunt wandelen, zeggen auteurs Stok en Klein dat lente en herfst de beste reisseizoenen zijn voor de Alentejo en Costa de Lisboa in Portugal. Dat komt dan goed uit, want tegen de tijd dat de bladeren verkleuren zal ook de laatste verdwaalde voetbalfan wel weer thuis zijn. De auteurs hebben 23 wandelingen uitgestippeld en als het aan hen ligt verdwaal je niet in de streken tussen Taag en Algarve. Mede omdat de topografische kaarten van Portugal vaak verouderd zijn, althans volgens de auteurs, kent het gidsje eigen aanvullende kaartjes. Waarop de route weliswaar tot op detail is ingetekend, maar wel met de begeleidende tekstuele routebeschrijving een twee-eenheid vormt waarbij het niet mis kan gaan. Tips voor overnachtingen, vervoer, excursies en bezienswaardigheden zijn vermeld, alsmede algemene informatie over de regio’s waardoor heen wordt gestapt. Lezenswaardig zijn de inleidende persoonlijk getinte hoofdstukjes. De routes varieren van 5 tot 17 kilometer en sommigen lopen rond, bij andere volgen heen- en terugweg dezelfde route. Ook zijn een enkele keer combinaties mogelijk. Een moeilijkheidsfactor is niet vermeld, wel het hoogteverschil.


© 1996-2012, Roel Klein & Bert Stok tenzij anders vermeld